Hotel Ludus, waar niets is wat het lijkt en van alles te ontdekken valt. Het leven is tenslotte net een spelletje…

Welkom bij Hotel Ludus, waar uw plezier voorop staat. Bij deze uw kamersleutel. Waar uw kamer is, vraagt u? Dat staat op uw sleutel. Nee meneer, natuurlijk staat het nummer er niet op. U weet toch bij welk hotel u bent? Wij, van Hotel Ludus, wensen u een prettig verblijf.

Boek nu!

Proloog

Zo begon zijn verblijf bij het bijzondere hotel aan de rand van de stad, Hotel Ludus. Wanneer je ernaar zoekt, zul je het niet vinden. Zo’n locatie is het. Aan de rand van de stad, verborgen tussen de bomen. Een vervallen bord langs de snelweg is het enige wat verwijst naar het bestaan van het Hotel. Vincent vindt het maar vreemd. Maar, eerlijk is eerlijk, het hotel ziet er prachtig uit, en heeft een prijskaartje die je daarbij niet zou verwachten. Blij dat hij eindelijk een hotel gevonden heeft waar hij even lekker kan uitrusten van zijn reis, bekijkt Vincent zijn kamersleutel nog eens. Het is een sleutel die je zou verwachten bij een grote deur van een kasteel, of een hangslot. Het voelt zwaar aan, heeft wat roestplekken her en der en een stevig formaat. Waar geen roest zit, blinkt het van het goud. Nou ja, een gouden laagje dan. Aan de sleutel zit een kettinkje, met daaraan een houten blokje van ongeveer vijf centimeter aan elke kant. Je zou denken dat het kamernummer op dat blokje zou moeten staan, maar zoals Vincent net al opmerkte tegenover de receptioniste, is een kamernummer nergens bekennen, ook niet op de sleutel zelf. Dan ziet Vincent iets wat hem nog niet eerder is opgevallen. Er is een klein logo ingebrand op een van de zijden van het blokje. Het lijkt op de ogen en snavel van een uil.

Vincent kijkt om zich heen, op zoek naar iets dat overeenkomt met het logo op het blokje, of een uil. Vincent staat in de lobby van het hotel. Een grote hal met veel versierd en besneden hout. Wanneer je het hotel binnenkomt via de grote houten deuren met zware hengsels en glas in lood, is het eerste wat je opvalt de brede receptie met twee grote houten wenteltrappen ernaast, die leiden naar een uit het zicht zijnde bovenverdieping. Aan de wanden hangen beeltenissen van dieren, geen opgezette dieren maar enorm gedetailleerde houtsnijwerken. Dezelfde detaillering zit in de versiersels in de deurposten en in de randen aan het plafond. De vloer lijkt daarentegen erg simpel en degelijk, gemaakt van goede kwaliteit eikenhout. Vincent kijkt terug naar de dieren. Een leeuw, een wolf, een hert, een aap, zelfs een octopus. Dan ziet Vincent waar hij naar zoekt, een uil. Wanneer Vincent iets dichterbij komt om de uil beter te kunnen bestuderen, valt het hem op dat er, onder de uil, een vierkant gat in de muur zit, precies zo groot dat het blokje wat aan de sleutel zit er precies in past. Vincent bedenkt zich geen moment, en stopt het blokje in het gat. Hij hoort een bevestigende *pling* en de wand lijkt zich te openen. In werkelijkheid opent er een lift met houten deuren, die zo goed verborgen zit in de wand dat het je als voorbijganger niet opvalt. Met verbazing en verwondering stapt Vincent de lift in, waarna de deuren sluiten.